10/05/2026
Haar moeder belde haar elke dag.
Soms twee keer.
Ze nam altijd op.
Ze vertelde me dit alsof het normaal was. Met een glimlach, zelfs. "Ze heeft het gewoon nodig. Ze is altijd zo geweest."
Ik vroeg haar hoe dat voor haar was.
Ze dacht even na. "Gewoon. Zo is het altijd gegaan."
Dat woordje 'gewoon' bleef in de lucht hangen.
Want er was niets gewoons aan wat ze beschreef.
Een vrouw van 38 die haar agenda aanpast aan de belbehoefte van haar moeder. Die niet op vakantie gaat zonder vooraf een schema te maken voor wie haar moeder kan bellen als zij niet bereikbaar is. Die zichzelf wegcijfert zonder het zo te noemen, omdat ze het nooit anders heeft gekend.
Wat zij beschreef, was geen liefde in de gewone zin van het woord.
Het was een hechtingssysteem dat nog altijd draait op de instellingen van haar kindertijd.
In het DMM van Crittenden noemen we dit geen gebrek aan grenzen, geen codependentie, geen persoonlijkheidsprobleem.
We noemen het een strategie.
Haar moeder leerde vroeg dat nabijheid niet vanzelfsprekend was. Dat je er actief voor moest zorgen. Dat je mensen bij je moest houden door onmisbaar te zijn, door aanwezig te zijn, door net genoeg nood te tonen.
En haar dochter - mijn cliënte - leerde dat beschikbaar zijn de manier was om van iemand te houden. Dat zorg geven gelijkstond aan goed zijn. Dat haar eigen behoeften konden wachten, want die van haar moeder konden niet.
Twee mensen. Twee strategieën. Allebei geleerd in een context waar dit ooit de enige manier was om het contact te bewaren.
Geen van beiden koos daarvoor. Ze werden zo gevormd.
Moederdag is voor veel van onze cliënten geen feestdag.
Het is een dag waarop al die vroege lessen over nabijheid, over beschikbaar zijn, over hoeveel ruimte je mag innemen extra luid worden.
Als therapeut of psycholoog is de vraag dan niet: hoe was de relatie met je moeder?
Maar: welke strategie leerde jij in die eerste relatie? En draait die strategie vandaag nog altijd op de achtergrond: in hoe jij contact maakt, hoe jij zorg geeft, hoe jij je eigen grenzen bewaakt?
Want hechtingsfiguren vormen ons niet door wat ze zegden.
Maar door wat we van hen leerden over wat veilig is. En wat niet.