27/03/2026
Soms wil een cliënt gewoon niet mee.
Niet in mindfulness.
Niet in exposure.
Niet in “voel eens wat er nu is”.
En dan gebeurt er vaak iets herkenbaars bij ons als hulpverlener:
we gaan meer uitleggen,
nog een andere techniek zoeken,
of toch een beetje proberen trekken.
Maar vaak zit de sleutel net ergens anders.
Een kleine ACT-herinnering voor je volgende sessie:
als een cliënt aarzelt bij experiëntieel werk, begin dan niet met overtuigen.
Begin met valideren.
Bijvoorbeeld:
“Logisch dat dit spannend voelt.”
“Je probeert hier iets nieuws.”
“Ik begrijp heel goed dat je hoofd dit riskant of onaangenaam vindt.”
Van daaruit kan je de weerstand zelf mee in de ruimte brengen:
“Ik zie dat je hier geen zin in hebt.”
“Ik zie dat er weerstand opkomt.”
“Kan je mij die weerstand eens laten meevoelen?”
“Hoe voel je die weerstand in je lichaam?”
“Wordt je lichaam zwaar, of voel je eerder spanning?”
We respecteren die weerstand
en geven er aandacht aan.
Want dat is waar de cliënt op dat moment is.
Dat is geen omweg.
Dat ís het werk.
Weerstand betekent niet automatisch dat je verkeerd bezig bent.
Vaak is het precies daar dat iets wezenlijks zichtbaar wordt.
Dit soort werk oefenen we ook in onze basisopleidingen ACT.
Je bent welkom in een van onze veilige en warme zomeredities, waar je leert om ook uitdagende momenten in je praktijk met meer houvast te begeleiden.