07/01/2026
Erwtensoep
Met deze winterse temperaturen is het heerlijk om je eigen snert te maken. Je moet er even de tijd voor nemen, maar dan heb je ook een super lekkere soep. Neem er een plak plak roggebrood bij met buikspek of katenspek en doe een stuk verse worst door de snert.
Omdat je er vele uren mee bezig bent maak ik een flinke pan vol, zodat wij er in ieder geval 2 dagen van kunnen eten. Je kunt de soep ook invriezen.
Voor 5 personen heb je nodig:
2 liter water
500 gram spliterwten
600 gram ribbetjes
600-700 gram prei
1 winterwortel
1 middelgrote knolselderij
1 aardappel
1 groente bouillon blokje
10 peperkorrels
4 laurierblaadjes
zout
evt. Selderij blad
Bereiding
Doe het water in een grote pan en voeg de ribbetjes toe. Voeg zout, de peperkorrels en de laurierblaadjes toe en breng aan de kook.
Laat het vlees minimaal 1 uur trekken. Haal na een uur de peperkorrels en de laurier uit de pan.
Voeg de gewassen spliterwten toe en breng het weer aan de kook. Laat het 1 uur sudderen.
Snijd ondertussen de knolselderij, prei en de winterwortel in kleine stukjes.
Haal na 1 uur het vlees uit de pan. Voeg alle groenten toe, het bouillonblokje en de hele geschilde aardappel.
Snijd het vlees in kleine stukjes en voeg dit ook toe. Hoe langer het vlees meekookt, hoe zachter het wordt.
Kook dit minimaal 1 uur en roer regelmatig. Omdat het een stevige soep wordt kan het makkelijk aan de bodem van de pan aankoeken.
Ik heb de soep nog 2 uur laten trekken, dan wordt het een mooie dikke snert.
Voeg tot slot de verse worst toe en laat deze 15 minuten meekoken.
Schep de soep in mooie kommen en serveer met roggebrood en spek.
Garneer de soep eventueel met selderij blad.
Wij hebben er van genoten!