24/03/2026
Samen op weg naar Pasen...
"Jezus Christus en waarom Hij bewust koos voor het lijden" II
Gestorven of slechts schijndood?
Al jarenlang krijg ik de vraag of Jezus Christus echt gestorven
is aan het kruis, of dat Hij de kruisiging heeft overleefd.
Steeds weer merk ik dat het antwoord, op de een of andere
manier voor de vraagsteller heel belangrijk is. Zelfs emotioneel belangrijk: de vraag en het antwoord daarop raken op een onbegrijpelijke manier hun diepste emoties.
Ik kan dat overigens goed navoelen, omdat die vraag mijzelf ook
niet onverschillig laat en merk ook bij het nadenken over deze vraag, dat mijn diepste emoties geraakt worden. Kennelijk raken
we met deze vraag aan iets heel wezenlijks. Iets dat geen theorie
is, maar dat op de een of andere manier ons allen aangaat en
velen van ons heel diep raakt. Dat vast te stellen is op zich al
heel belangrijk.
Al heel lang zijn er verhalen dat Jezus Christus niet écht gestorven is aan het kruis. Zo wordt er bijvoorbeeld verteld dat Hij door de Essenen van het kruis gehaald en weer tot leven gewekt werd omdat Hij niet dood was, maar slechts in coma. Er bestaan ook allerlei verhalen over een leven na zijn kruisiging. Bijvoorbeeld
dat Hij na zijn schijnbare dood India bezocht zou hebben.
Anderen vertellen eenvoudigweg dat Jezus Christus zijn
kruisiging nog langoverleefd heeft.
Bijna veertig jaar geleden logeerde ik eens in Taizé, het oecumenische klooster in Frankrijk dat tegenwoordig een
bron van inspiratie voor vele jongeren is. In die tijd was Taizé nog niet zo bekend en kwamen er nog niet zoveel toeristen of zoekers naar inspiratie. Daarom kreeg iedere bezoeker in die tijd nog een gesprek aangeboden met een van de broeders uit het klooster.
In dat gesprek mocht je een brandende vraag aan die broeder voorleggen. Ik weet nog heel goed dat mijn vraag luidde: is Jezus
Christus nu werkelijk uit de dood opgestaan of niet?
En, was dat dan een lichamelijke opstanding of niet?
Toen al hield die vraag mij heel intens bezig: is Jezus Christus nu werkelijk gestorven en opgestaan, of niet? Intuïtief, schouwend,
heb ik altijd geweten dat het antwoord voor mij heel duidelijk was: natuurlijk was Hij door de dood heengegaan. Maar eerst nu begin ik dat ook te begrijpen, en begint mijn denken het ‘te pakken’.
In onze tijd worden die twee verschillende visies op Jezus Christus: wel of niet door de dood heengegaan, vertegenwoordigd door enerzijds de antroposofen en anderzijds de theosofen.
Voor Rudolf Steiner, de grondlegger van de antroposofie, is Jezus Christus wérkelijk gestorven aan het kruis, en vervolgens uit de dood opgestaan.
Hij staat daarmee geheel in de lijn van Paulus die in de Bijbel keer op keer benadrukt dat Jezus Christus werkelijk door de dood is heengegaan, en dat deze doorgang door de dood beslissend is voor het christelijke geloof.
Voor de theosofen daarentegen is de kruisiging vooral een driedaagse inwijding, waaraan Jezus Christus niet in letterlijke zin stierf, maar waaruit Hij als een nieuw, getransformeerd mens tevoorschijn kwam. Een transformatie die in figuurlijke zin ‘een opstanding uit de dood’ genoemd werd. In figuurlijke zin, want
het gaat om een geestelijk ontwaken, en niet, zoals gezegd, om
een letterlijke opstanding uit de dood.
Om een antwoord te vinden op de vraag of Jezus Christus nu wel
of niet gestorven is aan het kruis, is het belangrijk ons te richten
op de confrontatie die Jezus Christus met de duivel en de satan aanging…
Christus, Lucifer, Ahriman
Oog in oog met Lucifer en Ahriman
Dat Jezus Christus in zijn leven de confrontatie met de beide machten van het kwaad aanging, was helemaal niet vanzelfsprekend. Integendeel. Alle ingewijden in de eeuwen voor Hem hadden juist alles op alles gezet om de confrontatie met Lucifer en Ahriman te ontlopen. Ze trokken zich terug uit de samenleving en realiseerden samen met andere ingewijden een besloten en geheime gemeenschap, ver buiten het gewoel van
het openbare, publieke leven.
Binnen die gemeenschap probeerden de ingewijden zo’n sfeer van zuiverheid en oprechtheid te bewerken dat Lucifer en Ahriman geen toegang tot deze gemeenschap kregen. Zo werden de ingewijden onaantastbaar voor de machten van het kwaad.
Ook de Essenen, met wie Jezus Christus zich nauw verbonden voelde, leefden op deze wijze. Zo werden ze enerzijds ingewijden en wetenden en ontsnapten ze anderzijds aan de confrontatie met Lucifer en Ahriman.
Eens kreeg Jezus Christus, in de jaren voor de doop in de Jordaan, een helderziende impressie, een beeld dat zich aan Hem opdrong. Daarbij zag Hij hoe Ahriman en Lucifer op de vlucht sloegen voor de Essenen: ze konden hen niet in hun greep krijgen en daarom
trokken ze zich terug om zich te wijden aan mensen die ze wel konden bereiken. Op het eerste gezicht lijkt dat iets goeds: dat de Essenen in staat bleken om zich Lucifer en Ahriman van het lijf te houden. Hun levenswijze lijkt er dan ook een om na te streven, precies zoals de ingewijden dat al duizenden jaren deden.
Maar Jezus Christus vroeg zich bij het zien van deze impressies het volgende af: waar gaan die twee eigenlijk naar toe? Op wie richten ze nu al hun energie, nu ze die niet bij de ingewijden kwijt kunnen? Het werd Hem meteen duidelijk dat Lucifer en Ahriman maar één
mogelijkheid hadden, één uitweg: om zich te richten op de ‘gewone’ mensen. Maar toen dit laatste tot Hem doordrong, werd dat voor Hem tot een schokkend inzicht: want de weg van de inwijding op de mysterieschool leek zo mooi en indrukwekkend:
de inwijdelingen hielden zich immers al het kwaad van het lijf.
Maar zij bewerkten daarmee tegelijk dat Lucifer en Ahriman zich met des te meer kracht en venijn op de ‘gewone’ mensen gingen richten. Zij werden dus des te heftiger belaagd, omdat de Essenen hen van zich af wisten te houden. Het drong tot Jezus Christus
door dat wie zich alleen maar richt op het eigen zielenheil, daarmee niet solidair is met de mensen. De weg van de ingewijden op de mysteriescholen, die helemaal los van de gemeenschap en buiten de gewone samenleving stonden, was, zo zag Jezus Christus in, in wezen een egoïstische weg. Voor Hem was het vanaf dat moment
duidelijk: zo zou het in de toekomst niet meer mogen gaan.
Zo zou Hij het ook zelf niet mogen doen: alleen maar werken aan het eigen zielenheil om zodoende de confrontatie met Lucifer en Ahriman te ontlopen. Solidair zijn met de mensheid hield voor Hem vanaf dat moment in, dat Hij de keuze maakte voor de ‘gewone’
mensen, ofwel voor de tollenaar en de overspelige, zoals het Nieuwe Testament hen noemt. Het hield in dat Hij zich niet langer wilde en kon vereenzelvigen met de ingewijden en hun weg.
Alleen samen met alle mensen, solidair en verbonden met elkaar, zou de mensheid de weg naar het licht moeten vinden. Maar de weg van de ‘gewone’ mens die niet de gelegenheid had zich terug
te trekken op een mysterieschool, was een weg, waarbij de mens voortdurend bloot stond aan de aanvallen, zeg maar: de negatieve inwerking en inspiratie van Lucifer en Ahriman. Daarom, om solidair te zijn met de gewone mensen en hun levenswijze, koos Jezus Christus er voor om direct na de doop in de Jordaan, naar de woestijn te gaan. Daar, in de stilte, wilde Hij de confrontatie met
Lucifer en Ahriman aangaan. Zo wilde Hij dus zijn solidariteit met de gewone mens tot uitdrukking brengen: door die twee machten van het donker niet te ontlopen, maar door juist oog in oog met
hen te gaan staan en de strijd met hen aan te gaan.
Ook Lucifer en Ahriman zélf wilden maar wat graag de confrontatie met Jezus Christus aangaan. Ze wisten dat Hij bij de doop in de Jordaan een heel bijzondere geestelijke kracht had ontvangen, ja, een goddelijke kracht. Die kracht zorgde ervoor dat Jezus Christus nu als eerste der mensen in staat zou zijn Lucifer en Ahriman te weerstaan en hun macht op de lange termijn zelfs zouden kunnen breken. Daarom wilden ze Hem zo snel als mogelijk uitschakelen.
Een levenslange confrontatie tot op de laatste ademtocht.
De eerste confrontatie, daar, in de woestijn, was hevig.
Zowel de duivel (Lucifer), als de satan (Ahriman), als die beiden samen, richten al hun verleidingskracht op Jezus Christus.
Volledig alleen, zonder hulp van wie dan ook, stond Hij oog
in oog met die beiden en wist hen te trotseren.
De Evangeliën vertellen in duidelijke, beeldende bewoordingen over deze confrontatie. [3]
Ze vertellen hoe die twee, Lucifer en Ahriman, inspeelden op
alles wat menselijk is: op een gevoel van trots en hoogmoed,
op angstgevoelens en op een zogenaamd Godsvertrouwen.
Al hun verleidingen wisten ze zo in te kleden alsof Jezus Christus met het vervullen ervan God Zelf diende.
Maar Jezus Christus doorzag hun tactiek en hun listen, en bleef staande te midden van dit geestelijke geweld.
Vanaf dat moment verhevigden Lucifer en Ahriman hun inzet en hun aanvallen op Jezus Christus. Hoe meer zijn lichaam in de
loop van de jaren die daarop volgden, versleten raakte en hoe vermoeider Hij werd, hoe heftiger ze tegen Hem tekeer gingen.
Ze gingen daarmee onafgebroken door tot in het laatste uur van zijn leven op aarde, toen Hij aan het kruis hing.
De beide moordenaars die links en rechts van Hem hingen, waren een prachtig kanaal voor Lucifer en Ahriman. Het voorhanden zijn van zulke kanalen, of geleiders voor hun energie, maakte dat hun aanvallen op Jezus Christus aan kracht wonnen. En met al hun
verbonden krachten zetten ze op dit uiterste moment alles op alles om Hem alsnog te breken en te verleiden.
Niet voor niets wordt er verteld dat het in de laatste uren
voor het sterven van Jezus Christus aardedonker werd op aarde: tot in de concrete werkelijkheid werden de negatieve en vernietigende krachten van Lucifer en Ahriman zichtbaar.
Maar ook deze laatste, meest heftige poging mislukte en nu,
zo wisten die twee, waren hun pogingen voorgoed mislukt.
Zo werd Jezus Christus de eerste mens die tot het laatste, bittere einde toe weerstand wist te bieden aan de beide machten van het kwaad. Het is huiveringwekkend groots!
Een gevecht op leven en dood
Bij dit laatste gevecht, toen Jezus Christus volkomen uitgeput aan het kruis hing, was het erop of eronder. Beide partijen; enerzijds Lucifer en Ahriman, en anderzijds Jezus Christus, beseften dit.
Ze beseften dat de toekomst van de aarde en de mensheid op
het spel stond. Zouden Lucifer en Ahriman winnen en zou het hen lukken om Jezus Christus alsnog in hun macht en aan hun zijde
te krijgen, dan zou ook de mensheid in de toekomst voorgoed in de macht van die beiden blijven. Het laat zich gemakkelijk raden hoe de toekomst van de mensheid er dan zou hebben uitgezien.
Totale ondergang en vernietiging, dat zou het lot van de mensen worden als ze voorgoed aan Lucifer en Ahriman onderworpen zouden zijn. Maar zou Jezus Christus winnen, dan zou daarmee
de macht van Lucifer en Ahriman in principe gebroken zijn.
Dan zou Jezus Christus de eerste mens zijn, die de macht van die beiden had weten te weerstaan. Dankzij Hem zou de mensheid
dan een mogelijkheid ontvangen hebben om eveneens, net als
Hij, aan de allesbeslissende macht van Lucifer en Ahriman te ontsnappen. Want als één mens de weg naar de vrijheid vindt, wordt die weg immers voor alle mensen mogelijk.
Het was dus werkelijk een gevecht van kosmische betekenis dat daar aan het kruis gevoerd werd! Daar, aan het kruis, werd de toekomst van de mensheid beslist…
Daarbij mogen we dit beseffen: met een schijnvertoning zouden Lucifer en Ahriman, geen genoegen genomen hebben.
Namelijk: wanneer Jezus Christus niet echt aan het kruis zou zijn gestorven, en alleen schijndood geweest zou zijn, zou dat voor Lucifer en Ahriman alleen maar een intermezzo zijn. Ze zouden immers meteen, zodra Jezus Christus ontwaakt zou zijn uit zijn coma, doorgegaan zijn met hun pogingen om Hem te breken.
Maar nu ze Hem de dood ingedreven hadden, en Hem toch
niet hadden kunnen verleiden en breken, nu was hun macht in
de kern gebroken.
Ik denk dan ook dat degenen die spreken over een schijndood
van Jezus Christus aan het kruis, niet voldoende beseffen wat
daar werkelijk gebeurde en wat er bij dit beslissende en verschrikkelijke gevecht op het spel stond. Het was werkelijk
een gevecht van kosmische betekenis tussen Jezus Christus en
de machten van het kwaad. En dat gevecht was ook werkelijk
een gevecht op leven en dood.
Het unieke van Jezus Christus
Bij dit alles is het goed om ons vooral dit te realiseren: juist omdat Jezus Christus solidair met de ‘gewone’ mensen wilde zijn, koos Hij voor een confrontatie met Lucifer en Ahriman op het vlak van het gewone, alledaagse leven. Dus precies daar, waar ook wij hen het hoofd moeten bieden: in het gewone leven, thuis, in onze verhouding met andere mensen, in onze omgang met geld, in onze betrokkenheid bij anderen en in de levensdoelen die we ons stellen.
Dat Jezus Christus ervoor koos om solidair te zijn met de ‘gewone’ mensen, is overigens wel iets heel bijzonders!
Geen ingewijde voor Hem had zoiets bedacht, laat staan gedaan. Geen enkele ingewijde had in de beperktheid van het aardse lichaam de confrontatie gezocht: ze hadden juist geprobeerd die
te ontlopen. Wel leerden ze om bij uittredingen, los van het lichaam, vrij te blijven en te worden van de machten van het kwaad
en hen zodoende te weerstaan. Maar opgesloten in het aardse lichaam, en voluit in het alledaagse leven staande, om dan van daaruit oog in oog met Lucifer en Ahriman te gaan staan en hen
te leren weerstaan, dat was niet de weg die zij zochten.
Geen enkele hoge Meester had tot nu toe op het aardse vlak, in
het gewone alledaagse leven, levend te midden van de gewone mensen, de strijd aangebonden met de machten van het kwaad.
Geen enkele ingewijde was tot nu toe op die manier solidair geweest met de mensheid. Maar juist omdat Jezus Christus dat
wel gedaan heeft en de machten van het kwaad, hier, op het
aardse vlak, in het gewone, alledaagse leven, weerstaan heeft,
heeft Hij ons de mogelijkheid geschonken om, net als Hij dat
deed, aan die beiden weerstand te bieden. Daarmee heeft Hij ons de mogelijkheid geschonken om ons in de toekomst meer en meer aan de macht en controle die Lucifer en Ahriman over ons hebben,
te onttrekken! We zullen het ook zelf mogen gaan ervaren en verwerkelijken: dat Lucifer en Ahriman niet langer de machten zijn die ons voorgaan en steeds verder naar beneden trekken, maar dat zij ons tegenstribbelend gaan volgen en dat wij hen mogen gaan meenemen op een weg die uiteindelijk ook voor hen bevrijding betekent.
Tot slot
Ik heb aan mijzelf, maar ook aan anderen, gemerkt hoeveel innerlijk verzet er in ons allen leeft om ons bezig te gaan houden met Lucifer en Ahriman, de machten van het kwaad. We vinden het veel fijner om ons te richten op de wereld van het licht: dat troost, bemoedigt en geeft kracht. Maar in deze tijd kunnen we er niet meer onder uit: op alle mogelijke vlakken worden we geconfronteerd met het kwaad. Met verharding, met egoïsme,
met botte agressie. Maar niet alleen met dit soort zaken buiten
ons worden we geconfronteerd, we worden ook met onze eigen onrust, met onze eigen gevoelens van woede en verdriet, met
onze eigen onmacht en wanhoop geconfronteerd. Maar wie zich een leerling van Jezus Christus voelt en Hem navolgen wil, die zal
niet anders kunnen en niet anders willen dan om, net als Hij, dwars door dit alles heen te gaan. Die zal het donker in het leven niet willen ontlopen, maar die zal het moedig willen uithouden en weerstaan. Alleen zo zullen we de macht van Lucifer en Ahriman kunnen breken. Alleen zo zullen we de grote wending in de evolutie op weg naar een nieuwe wereld van vrede mogen verwerkelijken. Want onze tijd staat werkelijk geheel in het teken van die grote wending! Een wending die ons, vergeet dat nooit, vrede zal brengen en universele liefde.
Maar de weg daarheen gaat dwars door het donker buiten ons
en binnenin ons heen. Vluchten voor het donker van onze tijd, het ontkennen, er verbitterd door raken: dat is niet de weg. De weg is: er dwars doorheen gaan, er sterker van worden, eraan groeien, en zo door het donker heen de weg naar het licht banen.
Precies zoals Jezus Christus dat gedaan heeft…
Wie heeft de moed die weg te gaan?
Dat is de vraag die na alle bovenstaande overwegingen overblijft. Als je die vraag durft toelaten, weet dan, dat je een onvoorstelbare hulp krijgt op die weg. De hulp van Hem die als eerste deze weg gegaan is, en Die ons daarom als geen ander op die weg wil leiden
en bijstaan…
Hans Stolp
[3] Zie het Evangelie van Mattheus 4: 1-11,
zie het Evangelie van Marcus 1:12, 13
zie het Evangelie van Lucas 4: 1-13,
dat deze confrontatie in drie Evangeliën genoemd wordt, benadrukt zonder woorden de beslissende betekenis ervan.