20/05/2026
Weer mooi verwoord, uitgelegd door collega Margreet Leeflang.
, , ,
EMOTIEREGULATIE; een beschrijving van een "executieve functie"…..
(Het is een beetje een lange geworden 🙈, dus neem de tijd en ga er lekker bij zitten 😅)
Emotieregulatie is het vermogen om door verstandelijke (rationele) gedachten, emotionele reacties te beheersen of op orde te brengen, oftewel te reguleren. Het stelt je in staat om doelen te bereiken, om taken te voltooien en/of om je gedrag te controleren en aan te sturen.
Gedurende de dag worden we blootgesteld aan allerlei zaken die invloed hebben op onze emotie. Zaken waar we wat van vinden of waar we wat bij voelen. Ups en downs die bij de één voor meer emotionele lading en ontlading zullen zorgen, dan bij de ander. Wanneer je emotieregulatie goed ontwikkeld is, kan je in die situaties over het algemeen gepast reageren, en gepast gedrag laten zien.
Als je je emoties op een gezonde manier kan beheersen, zal je niet snel driftig worden, en kan je goed omgaan met onplezierige gevoelens van angst, frustratie en teleurstelling.
Wat deze executieve functie voor je regelt, is overleg tussen het voelen en het denken. Een situatie geeft namelijk altijd een emotie, een gevoel. Wanneer je niet loskomt van dit gevoel kan je emotioneel reageren. Emotieregulatie zorgt voor een razendsnel (en soms wat minder snel) verstandelijk denkproces. Je kunt vanuit denken (rationaliseren) het gevoel bij die situatie een plek geven en overgaan op gezonde actie.
Emotieregulatie wordt aangestuurd vanuit de prefrontale cortex (het deel van de hersenen achter je voorhoofd), maar je rechter- en linkerhersenhelft zijn ook heel belangrijk in dit proces. De rechter wordt namelijk ingezet voor het ervaren van de emotie, en je linkerhersenhelft voor het rationele denken. Is één van die 2 minder sterk ontwikkeld, dan zal emotieregulatie een uitdaging kunnen zijn. Je kunt dan óf te sterk emotioneel blijven reageren, óf juist emoties minder goed interpreteren, omdat je alles voornamelijk verstandelijk, vanuit de linkerhersenhelft benaderd.
Emotieregulatie heeft tijd nodig om te ontwikkelen. We kennen allemaal wel de kleine dreumes die heftige frustratie laat zien, omdat het iets niet voor elkaar krijgt. Of de kleuter die de aandacht van papa of mama zoekt en zich dramatisch op de grond stort als ze niet snel genoeg reageren of de behoefte niet bevredigd wordt.
Daarnaast zijn er ook kleine kinderen die zich juist gaan afzonderen, zich stilhouden wanneer het niet gaat zoals ze verwacht of gehoopt hadden.
De ontwikkeling van emotieregulatie doorloopt verschillende stadia passend bij de leeftijd en kunnen per individu verschillend zijn. En dat kan nou juist het lastige zijn in het opvoeden en onderwijzen van kinderen. Wat bij de één qua aanpak werkt, werkt niet persé bij de ander. En dat is geen kwestie van lastig doen of willen zijn, dat heeft te maken met de mate van rijping van de préfontale kwab, het voorste deel van de hersenen, van waaruit de executieve functies worden aangestuurd. Dit is één van de laatste delen van ons brein wat zich ontwikkelt en dus bij de één meer tijd nodig heeft dan bij de ander.
De ontwikkeling van emotieregulatie kan per leeftijdscategorie globaal als volgt ingedeeld worden:
* peuter en kleuters
- herstelt zich snel van een teleurstelling of een verandering in plannen
- kan in een groep spelen zonder daarbij bovenmatig opgewonden of overdonderd te raken
- kan bijvoorbeeld de hulp van een ouder inschakelen als een ander kind er met een speeltje vandoor gaat, zonder fysiek te worden.
* groep 3 tot en met 5
- kan tegen "kritiek" van een volwassene, bijvoorbeeld een terechtwijzing
- kan omgaan met iets wat hij/zij als “oneerlijk” beschouwd, zonder al te kwaad te worden
- kan het eigen gedrag aanpassen, bijvoorbeeld “afkoelen” na een korte pauze
* groep 6 tot en 7
- reageert niet bovenmatig emotioneel bij verlies, of accepteert het als het iets niet krijgt
- reageert terughoudend bij plagerijen, kan tot op zekere hoogte al incasseren
* groep 8 en brugklassers
- kan reacties van vrienden “lezen” en kan eigen gedrag daarop aanpassen
- kan oorzaak-gevolg incasseren en zich voorbereiden op een mogelijke teleurstelling
- kan zich assertief opstellen als dat nodig is, bijvoorbeeld bij het vragen om hulp of een mening geven.
Gedurende de basisschoolleeftijd zal emotieregulatie steeds makkelijker moeten worden, totdat de hormonen om de hoek komen kijken. Tijdens de puberteit zorgen de hormonen ervoor dat alles weer in de war raakt. Dit is dé leeftijd dat er een enorm beroep gedaan wordt op alle executieve functies en met name op impulsbeheersing en het werkgeheugen. Als je daarbij ook nog eens je emoties moet reguleren draait de préfrontale kwab overuren. Het is dan ook niet gek dat pubers vaak naast dat ze in onze ogen “verkeerde” en “roekeloze” beslissingen kunnen nemen, ook zo licht ontvlambaar zijn. 😉
Er zijn manieren om de emotieregulatie bij je kind te trainen of te leren reguleren. Afhankelijk van de leeftijd kan het helpen:
• om gedurende de dag vaste routines in te bouwen met name rond maaltijden, (middag-) slaapjes en bedtijd
• om je kind voor te bereiden op wat komen gaat en wat eventueel van hen verwacht wordt.
• om vooraf te bespreken wat je kind kan doen als het zich overweldigd voelt. Bijvoorbeeld een boekje gaan lezen, even bij je komen zitten of om naar buiten te gaan en een balletje te trappen
• om (als leerkracht/docent) met de leerling signalen af te spreken zodat hij/zij doorheeft dat er een pauze ingelast moet worden, of het kind naar een rustige plek kan gaan
• om af te spreken welk gedrag of welke handelingen bij “oververhitting” geaccepteerd worden als afkoelstrategie. Bijvoorbeeld rustig zeggen dat het even naar zijn kamer gaat, op de bank rustige muziek wil luisteren of een filmpje wil kijken.
• om ademhalingstechnieken toe te passen (veelal bij het wat oudere kind) om zich te kunnen ontspannen
• om je kind een “mantra” aan te leren. Bijvoorbeeld: “ik weet dat ik dit moeilijk vind, maar ga het toch proberen. Als ik er niet uitkom vraag ik papa, mama of de docent om hulp”.
• om, zonder te veel lading en (eigen) emotionele invulling, nadien de situatie door te spreken en te benoemen wat goed ging en te vragen hoe het een andere keer ook zou kunnen. Zelf hardop mee laten denken vergroot het kunnen rationaliseren.
• om er onvoorwaardelijk voor je kind te zijn.
Vergeet niet dat emotieregulatie echt met ups en downs en verschillende heftigheden de r***e zal passeren. Het is niet alleen afhankelijk van leeftijd, maar ook zeker van voldoende rust, slaap en een (niet te) volle agenda. Onze mate van beheersing, en dus ook die van onze kinderen, is sterk afhankelijk van de situatie, plaats, tijd en zelfs geestelijke en fysieke gezondheid. Bedenk altijd, “gedrag is een symptoom van een onderliggende strijd”.
NB: Een goede emotieregulatie kan ook nog minder ontwikkeld zijn door actieve of niet goed ontwikkelde primaire reflexen. Mocht het trainen ervan niet lukken of geen blijvend resultaat geven, dan kan het lonen om eens contact op te nemen met een MNRI® reflexintegratiebehandelaar.
Bron: “Slim maar” van Peg Dawson en Richard Guare en “Vergeten, kwijt en afgeleid” van J. Cooper-Kahn en L. Dietzel
Margreet Leeflang-Wobbes
www.kienenkundig.nl