26/02/2026
Die avond zat ik na een bezoek aan het ziekenhuis aan tafel met een notitieboek open alsof daar een oplossing in kon huizen. Buiten was alles gewoon: lampen aan bij de buren, een vaatwasser die zoemde, een agenda die deed alsof morgen nog normaal was.
Maar in mij zat een scheur die niet meer dicht wilde. Niet groot genoeg om drama van te maken, wel scherp genoeg om nergens meer langs te kunnen.
En precies dáár, in die scheur, kantelde iets: van volhouden naar zelfzorg, van oplossen naar herstel.
Ik werk met mensen op het moment dat het leven niet meer te managen is. En gek genoeg heb ik zelf het meest geleerd op het moment dat ik dacht dat ik vooral een oplossing nodig had.
“Ring the bells that still can ring
Forget your perfect offering
There is a crack in everything
That’s how the light gets in.”
— Leonard Cohen
Ik kwam deze regels tegen in een periode waarin alles tegelijk op me drukte: een lastige aandeelhoudersvergadering, een complexe bedrijfsafwikkeling, werk, opleiding, een lichaam dat protesteerde, rouw die ik te lang had weggeduwd. In een opleidingssessie met een gastcoach stapte ik bewust de coachee-rol in. Niet omdat ik “zin had in reflectie”, maar omdat ik voelde: nu moet ik hier niet meer omheen.
De sessie kwam ik binnen met de vraag die veel mensen ook in medische coaching stellen: geef me iets waarmee ik overeind kan blijven. Een oplossing, een perspectief, een plan. Alleen: ik kon niet eens scherp formuleren wat ik nodig had. Harmen van Dijk, de coach, zocht met me mee. Niet om het snel glad te strijken, maar om bij de kern te komen. Steeds een ander perspectief. Steeds terug naar: wat is hier eigenlijk waar?
Ik ben Harmen nog steeds ongelofelijk dankbaar voor zijn geduld en volharding om – ook gezien de tijd – niet naar een snelle uitweg te grijpen maar mij net lang genoeg bij de essentie te houden tot ik zelf kon voelen wat hier echt gezien wilde worden.
Geen advies. Geen strategie. Geen opdracht.
En toen gebeurde het. Vanuit het niets kwamen de woorden van mijn echtgenoot omhoog, van die zinnen die hij bewaarde voor spannende momenten. Ik sprak ze hardop uit en ineens was het stil vanbinnen: kaboem, het kwartje viel. Ik viel niet om. Ik viel open.
Opeens wist ik: dit is wat er nodig is.
Dat is voor mij de kern van medische coaching. We beginnen niet bij perfectie. We beginnen bij wat er wél is. Bij wat je lichaam al weet. Bij wat je steeds probeert dicht te houden, omdat het anders “te veel” wordt.
Want juist daar, in de scheur, ontstaat ruimte. Niet om je te repareren, maar om weer contact te maken. Met jezelf. Met wat je voelt. Met wat je nodig hebt. Met wat nog klopt, ook als het leven anders loopt dan je had gewild.
Waar zit bij jou de neiging om het ‘op te lossen’, terwijl er eigenlijk iets gevoeld of uitgesproken wil worden? Als je dit liever niet in de comments deelt: stuur me gerust een DM.