21/05/2026
We zaten samen aan tafel bij mijn ouders te eten. Gewoon een alledaags moment, gevuld met gesprekken over van alles en nog wat. Tot mijn dochter ineens uit het niets vroeg aan mijn vader:
“Is jouw vader doodgegaan in de oorlog?”
Die vraag kwam onverwachts en maakte direct iets los aan tafel. Vanuit daar wilde ze verder praten over de dood. Ze stelde vragen zoals:
“Wanneer ga je dood?”
“Waarom gaan mensen dood?”
Zoals kinderen dat kunnen doen: puur, nieuwsgierig en zonder angst. Het gesprek kreeg langzaam meer diepgang. Mijn vader vertelde over zijn eigen vader en hoe hij uiteindelijk was overleden aan een ziekte waar hij niet meer beter van kon worden. We probeerden het op een rustige en eenvoudige manier uit te leggen.
Toen gebeurde er iets bijzonders.
Mijn dochter begon ineens over mijn andere opa. Ze zei heel vanzelfsprekend:
“Hij was ziek in zijn buik, eigenlijk in heel z'n lichaam"
Wij keken elkaar meteen verbaasd aan. Want dat klopte. Deze opa is al 33 jaar overleden, en toch benoemde ze precies waar zijn ziekte zat. We vroegen haar hoe ze dat wist. Ze haalde haar schouders op en zei heel simpel:
“Dat kwam hups zo in mijn hoofd. Mijn hoofd zei dat.”
Daarna begon ze ook over mijn oma’s. Over één oma zei ze dat ze “vlak bij haar borsten...het Hart”, terwijl ze wees naar het gebied rond haar borst en hart. Ook dat bleek te kloppen. Bij mijn andere oma benoemde ze opnieuw klachten rondom de buik. Zonder voorkennis, zonder uitleg vooraf, wist ze dingen die ze eigenlijk niet kon weten.
Wat mij misschien nog wel het meeste raakte, was wat er daarna gebeurde. Ik noemde bewust een andere naam en vroeg haar wat ze voelde. Ze werd stil, keek even nadenkend voor zich uit en zei toen:
“Nee… ik voel niks. Ik hoor niks. Mijn lippen zeggen ook niks, mijn hoofd zegt ook niks en mijn neus doet het ook niet.”
Op dat moment besefte ik iets heel moois. Onbewust ging ze haar innerlijke zintuigen af. Voelen, weten, horen, zien, ruiken. En toen er niets kwam, was dat ook helemaal goed. Geen verzinnen, geen forceren. Gewoon eerlijk aangeven dat ze niks doorkreeg.
Het was zo puur. Zo onbevangen.
En het bijzondere is… dit was niet de eerste keer.
Kinderen staan vaak nog heel open. Zonder oordeel, zonder twijfel, zonder alle lagen die wij als volwassenen in de loop der jaren opbouwen. Soms zeggen ze dingen waarvan je voelt: hier gebeurt meer dan alleen fantasie. Alsof ze nog verbonden zijn met een diep innerlijk weten dat wij later vaak een beetje kwijtraken.
En misschien is dat wel het mooiste van alles: dat zij volledig zichzelf durfde te zijn in dat moment. Zonder angst. Zonder dat het “goed” hoefde te zijn. Gewoon open, eerlijk en puur.
Durf jij nog te vertrouwen op wat je van binnen voelt of weet?