26/12/2025
𝗔𝗮𝗻𝘄𝗲𝘇𝗶𝗴 𝗯𝗹𝗶𝗷𝘃𝗲𝗻 𝗶𝗻 𝗵𝗲𝘁 𝗹𝗶𝗰𝗵𝗮𝗮𝗺
Afgelopen week was ik bij mijn lief.
Op een onschuldig moment raakte hij gefrustreerd over een apparaat dat niet werkte.
En mijn lichaam… mijn lichaam schoot direct in een oude stand.
Survival.
De eerste impuls was vluchten.
Toen ik dat niet deed, kwam de freeze.
Een hartslag die raasde. Een adrenaline-shot.
Alle sensoren aan, alsof er gevaar dreigde.
En tegelijk was er dat andere veld: een hoofd dat stil bleef.
Dat keek. Dat zag hoe mijn lijf reageerde vanuit oude ervaringen, oude imprint, oud geheugen.
Het bijzondere was: het was veilig. Hier. Nu. Bij hem.
En precies daardoor kon de release ontstaan. Niet door iets te fixen.
Niet door het te begrijpen. Maar door te blijven.
Door aanwezig te zijn bij wat zich in mijn lichaam aandiende.
Door waar te nemen zonder oordeel. Door herinneringen die opkwamen serieus te nemen en ze vervolgens weer meteen los te laten.
En daarna… oprollen in zijn armen.
Zakken. Ademen.
Dit is waar ta**ra en sjamanisme voor mij samenkomen.
Niet in mooie woorden of spirituele concepten,
maar in het rauwe, eerlijke NU.
Aanwezig blijven bij wat zich nu aandient. Zonder gevecht. Zonder verhaal. Laten doorstromen wat gezien wil worden. Het lichaam liegt niet. En wanneer het zich veilig genoeg voelt, doet het precies wat het altijd al wist: ontladen, ontspannen, herinneren wie je werkelijk bent.
𝗕𝗲𝗱𝗱𝗶𝗻𝗴 𝗵𝗼𝘂𝗱𝗲𝗻
En dit wil ik er nog bij zeggen.
Want het verhaal is niet compleet zonder hem.
Ook van zijn kant was er aanwezigheid. Niet schieten in schuldgevoel. Niet meteen verontschuldigen. Niet afwijzen, niet dicht. Gewoon blijven.
Aanwezig blijven bij wat er gebeurde.
Bij mij. Bij zichzelf. Bij het veld dat ontstond.
Hij hield bedding. Zonder iets te willen oplossen. Zonder het kleiner te maken. Zonder het over te nemen.
En juist dát… maakte dat mijn lichaam kon zakken. Dat de ontlading mocht komen. Dat de spanning zijn weg naar buiten vond. Dit is geen vanzelfsprekende kwaliteit. Dit vraagt volwassenheid.
Zelfregulatie. En het vermogen om ongemak niet persoonlijk te maken. Ik ben dankbaar voor deze eigenschap in hem. Dankbaar voor een man die kan blijven waar vroeger verlaten werd.
En misschien is dit wel waar echte verbinding ontstaat: niet wanneer alles rustig is, maar wanneer het stormt in het lichaam
en er iemand naast je blijft staan.
𝗪𝗲𝗱𝗲𝗿𝗸𝗲𝗿𝗶𝗴𝗵𝗲𝗶𝗱
En ik voel ook dit. Een stille intentie, zonder belofte.
Dat ik er een volgende keer óók kan blijven. Dat wanneer zijn frustratie opkomt, ik niet verdwijn in mijn eigen proces. Niet wegschiet in oud lijfgeheugen.
Maar aanwezig blijf.
Niet om het op te lossen. Niet om het te dragen voor hem. Maar om bedding te zijn. Zoals hij dat voor mij was.
Ta**ra leert mij hierin geen techniek, maar eerlijkheid. Steeds opnieuw voelen: kan ik hier zijn? En zo niet, dat ook zien; zonder oordeel.
Wederkerigheid ontstaat niet door perfectie. Maar door het verlangen om elkaar te ontmoeten op het punt waar het spannend wordt.
Niet altijd tegelijk. Niet altijd vlekkeloos. Maar wel echt.
En misschien is dat genoeg.