25/02/2026
๐๐ฒ '๐๐ผ๐น๐ฑ๐ผ๐ฒ๐ป๐ฑ๐ฒ' ๐๐ผ๐ผ๐ฟ ๐ฒ๐ถ๐ด๐ฒ๐ป๐๐ถ๐ป๐ป๐ถ๐ด๐ต๐ฒ๐ถ๐ฑ
Daar las ik het, in het rapportfolio van mijn zoon. Tussen de vorderingen voor rekenen en lezen viel mijn oog op een specifiek zinnetje van de juf: 'Je mag nog leren om meer deel te nemen in het groepsgebeuren.'
Mijn eerste reflex? Een tikkeltje bezorgdheid. Is hij een buitenbeentje? Maar al snel maakte die gedachte plaats voor een ๐ด๐น๐ถ๐บ๐น๐ฎ๐ฐ๐ต en ๐๐ฟ๐ผ๐๐. Want wat daar eigenlijk stond, was: ๐ฉ๐ช๐ซ ๐ญ๐ฐ๐ฐ๐ฑ๐ต ๐ฏ๐ช๐ฆ๐ต ๐ป๐ฐ๐ฎ๐ข๐ข๐ณ ๐ข๐ค๐ฉ๐ต๐ฆ๐ณ ๐ฅ๐ฆ ๐ณ๐ฆ๐ด๐ต ๐ข๐ข๐ฏ.
Wij mensen zijn van nature geprogrammeerd als kuddedieren. Evolutie-technisch was dat logisch; bij de groep blijven betekende overleven. Ook nu nog leren we onze kinderen al vroeg om te schikken, om 'mee te doen' en vooral niet teveel uit de toon te vallen. We prijzen volgzaamheid vaak boven eigenheid, omdat dat in een klas (of op een kantoor) wel zo makkelijk is.
Inmiddels weet ik dat de wereld niet zit te wachten op mรฉรฉr mensen die precies hetzelfde doen als de rest. We hebben juist degenen nodig die hun eigen pad durven te bewandelen. Die moedig zijn om zichzelf te zijn.
Als mijn zoon er op het schoolplein voor kiest om even niet mee te hollen met de massa, maar in plaats daarvan gefascineerd naar een steen te kijken of zijn eigen spel te bedenken, dan zie ik geen 'gebrek aan deelname'. Ik zie autonomie. Ik zie een kind dat niet gevoelig is voor de sociale druk om overal maar bij te moeten horen ten koste van zichzelf. Natuurlijk is samenwerken een waardevolle vaardigheid. Maar trouw blijven aan jezelf is een levenskunst.
Dus ja, hij 'mag' nog leren om meer deel te nemen. ๐ ๐ฎ๐ฎ๐ฟ ๐ถ๐ธ ๐ต๐ผ๐ผ๐ฝ ๐ฑ๐ฎ๐ ๐ต๐ถ๐ท ๐ป๐ผ๐ผ๐ถ๐ ๐นรฉรฉ๐ฟ๐ ๐ผ๐บ ๐๐ถ๐ท๐ป ๐ฒ๐ถ๐ด๐ฒ๐ป ๐ถ๐ป๐ป๐ฒ๐ฟ๐น๐ถ๐ท๐ธ๐ฒ ๐ธ๐ผ๐บ๐ฝ๐ฎ๐ ๐๐ถ๐ ๐๐ฒ ๐๐ฐ๐ต๐ฎ๐ธ๐ฒ๐น๐ฒ๐ป, ๐ฎ๐น๐น๐ฒ๐ฒ๐ป ๐บ๐ฎ๐ฎ๐ฟ ๐ผ๐บ ๐ถ๐ป ๐ต๐ฒ๐ ๐๐ฎ๐ธ๐ท๐ฒ ๐๐ฎ๐ป ๐ฑ๐ฒ ๐ด๐ฟ๐ผ๐ฒ๐ฝ ๐๐ฒ ๐ฝ๐ฎ๐๐๐ฒ๐ป. ๐ฉ๐ฎ๐ป ๐บ๐ถ๐ท ๐ธ๐ฟ๐ถ๐ท๐ด๐ ๐ต๐ถ๐ท ๐ฒ๐ฒ๐ป ๐ฑ๐ถ๐ธ๐ธ๐ฒ ๐ฝ๐น๐๐ถ๐บ ๐๐ผ๐ผ๐ฟ ๐ฎ๐๐๐ต๐ฒ๐ป๐๐ถ๐ฐ๐ถ๐๐ฒ๐ถ๐.
Want in een wereld vol kuddedieren, is een eigenzinnige 'eenling' een aanwinst.