19/02/2026
“Mag ik bij het raam zitten?” vraagt ze zacht, bijna verlegen. Ze wil onder genot van een kopje koffie de sneeuw zien. Elk vlokje dat herinnert aan winters van vroeger.
Bij het raam vindt ze haar plek , tussen verleden en heden, tussen warmte binnen en kou buiten.
Een andere bewoonster loopt wat verloren rond. Haar stappen zijn snel, haar handen zoeken bezigheid. Te veel energie om zomaar te gaan zitten. Buiten te glad om haar rondje te wandelen dus vindt ze haar bezigheid binnen. In de hop helpt ze de carnavalsspullen op te ruimen. Slingers worden opgerold, maskers netjes in dozen gelegd, kleurrijke hoedjes gestapeld en mogen weer wachten op volgend jaar. Haar bewegingen krijgen ritme, haar onrust krijgt richting.