14/01/2026
Vandaag heb ik een dagje op de bank doorgebracht. Ik voelde me niet helemaal lekker, dus besloot ik even rust te nemen en op te laden. Mijn oude ik zou dat niet zo snel gedaan hebben, die ging gewoon door, niet zeuren. En als ik dan toch even op de bank lag en er onverwachts iemand aan de deur kwam, dan sprong ik bijna automatisch overeind. Alsof er een alarm afging. Ik keek dan meteen naar het aanrecht, de tafel, de vloer. En nog voordat iemand iets zei, was ik al aan het opruimen.” Let niet op de rommel hoor,” zei ik dan. Bijna verontschuldigend.
Maar als ik er nu op terugkijk, ging het eigenlijk helemaal niet over die rommel.
Het ging over wat die ander wel niet van míj zou denken. Dat ik lui was. Dat ik het niet aankon. Dat ik faalde. Dat oordeel kwam niet van de ander. Dat zat in mij. Een negatieve stem. Ik legde de lat zo hoog voor mezelf.
Ik wilde alles goed doen. Liefst perfect.
Alsof ik me geen enkel steekje mocht laten vallen.Want in mijn hoofd betekende dat falen.
Als ik niks deed voelde ik me vaak schuldig. Alsof een moment van rust meteen iets zei over mijn waarde als mens. Mijn eigenwaarde hing vast aan wat ik allemaal deed, niet ik wie ik was als mens. Ik was zo bezig met mezelf bewijzen.
Bewijzen dat ik het allemaal wel alleen kon.
Dat ik sterk was. Dat ik het aankon.
Al die ballen hooghouden, zonder te laten zien hoe zwaar ze eigenlijk waren.
Zodra niemand keek, was ik kapot. Dan was ik moe. Leeg. Niet vooruit te branden.
Aan de buitenkant leek alles op orde en onder controle. Aan de binnenkant was mijn lijf al lang op. Maar doorgaan voelde veiliger dan stilstaan.
Want stilstaan betekende voelen.
Met alles wat ik nu weet zie ik dit niet meer als een persoonlijke zwakte. Ik zie het als een overlevingsstrategie. Eentje die vaak al vroeg ontstaat, in systemen waarin dragen, aanpassen en sterk zijn vanzelfsprekend was.
Mijn lichaam begon me op een gegeven moment in te halen. Die diepe vermoeidheid kwam niet zomaar. Het was de rekening van jarenlang bewijzen, volhouden en mezelf voorbijlopen.
Wat ik toen niet wist, maar nu wel voel tot in mijn vezels, is dit: je hoeft jezelf niets te bewijzen.
Niet aan anderen. En ook niet aan jezelf.
Rust nemen is geen falen. Een steekje laten vallen maakt je niet minder. Het maakt je mens.
En misschien herken jij dit. Dat je alleen rust neemt als alles af is. Weet dan, die lat mag omlaag. Niet omdat je het niet kunt, maar omdat je het niet meer wilt.
En misschien is dat wel de echte beweging, even stil staan en lief zijn voor jezelf. 💝
Liefs Susan