04/03/2026
Groep 7.
Een leerling die door de klas heen praat, discussies aangaat over instructies en zichtbaar afhaakt bij herhaling. Hij wiebelt, staart uit het raam en levert zijn werk half af. Bovendien maakt hij voortdurend geluiden en leidt zijn klasgenoten af.
De vraag vanuit school: 'Is dit ADHD?'
Een jaar eerder werd gedacht aan ASS, vanwege zijn sterke behoefte aan eigen logica, moeite met groepswerk, gebrek aan aansluiting bij klasgenoten en zijn intense interesses.
Wat bleek?
Deze leerling dacht razendsnel, associeerde op abstract niveau en raakte gefrustreerd bij stapsgewijze instructie. Hij wilde begrijpen waarom iets belangrijk was, niet alleen hoe het moest. Bij gebrek aan uitdaging ontstond irritatie. Die irritatie werd zichtbaar als onrust en discussie.
Waarom is het zo moeilijk om ADHD, ASS en hoogbegaafdheid uit elkaar te houden in de klas?
Omdat de overlap groot is.
Hyperfocus kan passen bij hoogbegaafdheid, ASS én ADHD.
Overprikkeling zie je bij alle drie.
Moeite met standaard onderwijsstructuren komt bij alle drie voor.
Sociale aansluiting kan bij alle drie kwetsbaar zijn.
Maar de onderliggende mechanismen verschillen.
In de klas zie je gedrag.
Maar gedrag vertelt niet automatisch de oorzaak.
En precies daar gaat het regelmatig mis.
In mijn training Hoogbegaafdheid herkennen in de klas werken we met een overzichtelijk schema waarin deze verschillen én overlappen helder naast elkaar staan. Zodat je niet alleen kijkt naar wat een leerling doet, maar ook leert begrijpen waarom.
Want de juiste duiding maakt het verschil in je aanpak.